nl
Sam Vanparijs

Associate

Contact

sam.vanparijs@adlex.be

+32 89 32 23 00

De aansprakelijkheid bij het uitlenen van een voertuig

Publicatiedatum: 30/03/18

De wet van 6 maart 2018 ter verbetering van de verkeersveiligheid wijzigt de bepalingen aangaande de aansprakelijkheid van de houder van de kentekenplaat.

De Belgische wetgever acht deze wijziging noodzakelijk aangezien het vroegere systeem van de aansprakelijkheid van de houder van de kentekenplaat al te vaak tot straffeloosheid leidde.

De houder van de kentekenplaat is voortaan verplicht om, indien hij het vermoeden van schuld dat op hem rust heeft kunnen weerleggen, de identiteit van de onmiskenbare bestuurder mee te delen.

De wetsbepalingen aangaande de aansprakelijkheid van de houder van de kentekenplaat, zoals ze hieronder verder uiteengezet zullen worden, zijn retroactief van toepassing op verkeersovertredingen begaan vanaf 15 februari 2018.

1                 Inleiding

Door middel van deze wetswijziging tracht de Belgische wetgever de inefficiëntie inzake de bestraffing van verkeersovertreders een halt toe te roepen.

De weigering om de identiteit van de daadwerkelijke bestuurder kenbaar te maken, leidde er immers toe dat vele verkeersovertreders de strafrechtelijke dans ontsprongen. Het zit namelijk zo dat er voorheen wel degelijk een vermoeden bestond dat de houder van de kentekenplaat aansprakelijk was voor de overtreding, maar dat dit vermoeden eenvoudig weerlegd kon worden door aan te tonen dat men niet de bestuurder was op het ogenblik van de overtreding.

M.a.w. konden verkeersovertreders veelal aantonen dat zij op dat ogenblik niet met de wagen reden, zonder dat de verplichting bestond de identiteit van de chauffeur kenbaar te maken. In dergelijke situaties kon niemand bestraft worden. Maakte de houder van de kentekenplaat wel een naam bekend, vergde dit veel en tijdrovend bijkomend onderzoek voor politie en parket.

Het voorgaande heeft geleid tot de nieuwe wetswijziging in de wet van 6 maart 2018 ter verbetering van de verkeersveiligheid.

2                 De recente wetswijziging

Voortaan geldt het vermoeden dat wanneer een verkeersovertreding begaan werd met een motorvoertuig, ingeschreven op naam van een natuurlijke persoon, en de bestuurder bij de vaststelling van de overtreding niet geïdentificeerd werd, deze natuurlijke persoon vermoed wordt de desbetreffende verkeersovertreding begaan te hebben.

Dit vermoeden kan, zoals voorheen, weerlegd worden door aan te tonen dat u niet de bestuurder was op het ogenblik van de feiten.

Voorheen gold dit principe enkel voor rechtspersonen als houder van de kentekenplaat, die verplicht zijn de identiteit van de bestuurder bekend te maken, dan wel de identiteit van de personen die het voertuig onder zich heeft.

Voortaan zal u, als natuurlijke persoon, wanneer u bovenvermeld vermoeden aannemelijk kan maken voor de Politierechter, ertoe gehouden zijn om de identiteit van de onmiskenbare bestuurder kenbaar te maken, behalve wanneer u diefstal, fraude of overmacht kan bewijzen.

3                 Bestraffing

De Belgische wetgever verwacht van u als houder van de kentekenplaat, dat u moet weten aan wie u uw voertuig toevertrouwt. Men verwacht met andere woorden dat u uw verantwoordelijkheid neemt.

Deze verantwoordelijkheid koppelt de wetgever aan strenge straffen. Zo zal u, voor zover u uw meldingsplicht niet nakomt, gestraft worden met een gevangenisstraf van 15 dagen tot 2 jaar en een geldboete van € 50,00 tot € 4.000,00 (te vermeerderen met de opdeciemen, zijnde 8), of één van die straffen. Daarbovenop kan de Politierechter het rijverbod uitspreken voor minstens 8 dagen en maximaal 5 jaar of levenslang.

Besluit

De wet van 6 maart 2018 ter verbetering van de verkeersveiligheid voert, naar analogie met de meldingsplicht voor rechtspersonen, een meldingsplicht in voor natuurlijke personen.

Voortaan zal u, wanneer u het vermoeden aannemelijk kunt maken dat u op het ogenblik van de verkeersovertreding niet de bestuurder was, ertoe gehouden zijn om de identiteit van de onmiskenbare bestuurder kenbaar te maken. Bij gebreke hieraan kan u gestraft worden met een gevangenisstraf van 15 dagen tot 2 jaar en een geldboete van € 50,00 tot € 4.000,00, of één van die straffen. Daarbovenop kan de Politierechter rijverbod uitspreken voor minstens 8 dagen en maximaal 5 jaar of levenslang.

De bepalingen aangaande de aansprakelijkheid van de houder van de kentekenplaat zijn bovendien retroactief van toepassing op verkeersovertredingen begaan vanaf 15 februari 2018.
 


Meer over aansprakelijkheidsrecht en verzekeringsrecht

Met cookies werkt deze website vlot en kunnen we u inhoud op maat tonen. Als u verder surft of op "Ja, ik accepteer cookies" klikt, dan aanvaardt u deze cookies. Meer informatie