nl

Voyeurisme: strafbaar of niet? Vervolg

Publicatiedatum: 16/03/16
Voyeurisme: strafbaar of niet? Vervolg

In ons artikel van 9 november 2015 (lees dit artikel hier) stelden wij reeds het probleem aan de kaak dat het heimelijk filmen van een naakt persoon volgens het Hof van Cassatie niet kan worden gekwalificeerd als het misdrijf 'aanranding van de eerbaarheid' in de zin van het toenmalig artikel 372 van het Strafwetboek. Omdat die rechtspraak indruist tegen de hedendaagse maatschappelijke waarden en normen waren alle politieke partijen het er over eens dat een wetgevend initiatief zich opdrong zodat voyeurisme strafbaar kan worden gesteld. De wet van 1 februari 2016, in werking getreden op 29 februari 2016, tot wijziging van diverse bepalingen wat de aanranding van de eerbaarheid en het voyeurisme betreft, is tegemoet gekomen aan deze terechte verzuchtingen.

1 Rechtspraak Hof van Cassatie in verband met aanranding van de eerbaarheid

Even recapituleren: aanranding van de eerbaarheid werd in het voormalig artikel 372 van het Strafwetboek omschreven als “elke aanranding van de eerbaarheid, zonder geweld of bedreiging gepleegd op de persoon of met behulp van de persoon van een kind van het mannelijke of vrouwelijke geslacht". Volgens het Hof van Cassatie gaat het om “iedere met de zeden strijdige en als dusdanig gewilde daad, welke op of met behulp van een welbepaald persoon, zonder diens geldige toestemming wordt gepleegd en waarbij het algemeen eerbaarheidsgevoel wordt gekrenkt. Zij vereist dat handelingen van een bepaalde ernst worden gesteld die afbreuk doen aan de seksuele integriteit van een persoon zoals die door het collectieve bewustzijn van een bepaalde samenleving op een bepaald ogenblik wordt ervaren".

De vraag stelde zich echter of het heimelijk filmen van een naakt persoon onder deze definitie viel. Om te bepalen of een handeling die zonder aanraking is gesteld, de eerbaarheid kwetste, was het volgens Cassatie niet voldoende dat die handeling de persoon op wie ze is gepleegd heeft verrast of buiten zijn medeweten is gepleegd. Het lichaam van het slachtoffer moet daarenboven tegen zijn wil betrokken zijn bij een handeling die het slachtoffer, op het ogenblik dat de handeling wordt gesteld, in verlegenheid brengt omdat ze in strijd is met de algemene opvatting van de goede zeden. Het Hof van Cassatie kwam dan ook tot het besluit dat het heimelijk filmen van een naakte persoon, zonder dienst toestemming en zonder dat daarbij fysieke of morele dwang werd gebruikt, niet het misdrijf van aanranding van de eerbaarheid met geweld of bedreiging kan opleveren, ook al wordt het slachtoffer in zijn verwachtingen verschalkt.

2 Nieuw artikel 371/1 Strafwetboek

Voyeurisme is sedert de invoering van het nieuw artikel 371/1 in ons Strafwetboek wel strafbaar indien er voldaan is aan een aantal cumulatieve voorwaarden. Wie iemand observeert of doet observeren of van hem of haar een beeld- of geluidsopname maakt of doet maken:

  • rechtstreeks of door middel van een technisch of een ander hulpmiddel,
  • zonder de toestemming van die persoon of buiten zijn of haar medeweten,
  • terwijl hij of zij ontbloot is of een expliciete seksuele daad stelt, en
  • terwijl hij zich in omstandigheden bevindt, waar hij in redelijkheid kan verwachten dat zijn persoonlijke levenssfeer niet zal worden geschonden,

maakt zich voortaan schuldig aan voyeurisme. Hij of zij riskeert een gevangenisstraf van 6 maanden tot 5 jaar. Gaat het om minderjarige slachtoffers, dan geldt een hogere strafmaat. Worden de feiten gepleegd op een persoon of met behulp van een persoon 'boven de volle leeftijd van 16 jaar' dan wordt de schuldige gestraft met een opsluiting van 5 tot 10 jaar. Is de minderjarige jonger dan 16 jaar, dan is de straf een opsluiting van 10 tot 15 jaar. Het voyeurisme bestaat zodra er begin van uitvoering is. De wetgever heeft de poging dus gelijkgesteld met het voltrokken misdrijf.

Artikel 371/1 van het Strafwetboek stelt verder ook het verspreiden van naaktbeelden strafbaar. Concreet kan iedereen die een geluids- of beeldopname (foto-, film- en video-opnamen of opnamen met een ander middel) van een ontblote persoon of een persoon die een expliciete seksuele daad stelt zonder diens toestemming of buiten diens medeweten toont, toegankelijk maakt of verspreidt, worden gestraft met een gevangenisstraf van 6 maanden tot 5 jaar, zelfs wanneer de betrokkene heeft ingestemd met het maken van de beelden. De hogere strafmaat is ook hier van toepassing bij minderjarige slachtoffers. Deze strafbaarstelling doelt in het bijzonder op iemand die zich wreekt na een liefdesbreuk door voor privédoeleinden bedoelde opnames te verspreiden op internet of op de sociale netwerken.

3 Aanpassing artikel 372 Strafwetboek

In één beweging wordt ook de omschrijving van het misdrijf 'aanranding van de eerbaarheid' aangepast in het Strafwetboek (art. 373). Op dit moment is aanranding van de eerbaarheid alleen strafbaar indien het gepaard gaat met geweld of bedreiging. Bedoeling is om de vaststaande Cassatierechtspraak, dat een handeling die bij verrassing wordt gesteld, wordt gelijkgesteld met geweld. Bovendien moet bestraffing ook mogelijk zijn wanneer het misdrijf mogelijk werd gemaakt door een onvolwaardigheid of een lichamelijk of geestelijk gebrek van het slachtoffer.

Is voortaan strafbaar met een gevangenisstraf van 6 maanden tot 5 jaar, de aanranding van de eerbaarheid gepleegd op personen of met behulp van personen van het mannelijke of vrouwelijke geslacht, met geweld, dwang, bedreiging, verrassing of list, of die mogelijk werd gemaakt door een onvolwaardigheid of een lichamelijk of geestelijk gebrek van het slachtoffer'.

Ook hier gelden hogere straffen bij minderjarige slachtoffers.

Besluit

Ingevolge recente rechtspraak van het Hof van Cassatie is voyeurisme gedurende enige tijd onbestraft gebleven, hoewel het duidelijk is dat de hedendaagse maatschappelijke waarden en normen dergelijke feiten niet dulden. De Belgische wetgever heeft kort op de bal gespeeld door de invoeging van een nieuw artikel 371/1 in het Strafwetboek alsook de aanpassing van de delictsomschrijving in artikel 372 Strafwetboek. Beide wetswijzigingen zijn in werking getreden op 29 februari 2016 en zijn onmiddellijk van toepassing op nieuwe feiten zodat de maatschappelijke ontevredenheid op het eerste zicht lijkt te zijn aangepakt. Feiten die zijn gepleegd vóór 29 februari 2016 vallen echter nog steeds onder het toepassingsgebied van de vroegere wetgeving en bijhorende restrictieve rechtspraak van het Hof van Cassatie waardoor er in de nabije toekomst nog meer uitspraken kunnen worden verwacht waarin voyeuristen op basis van de oude wetgeving worden vrijgesproken.

Rechtsdomeinen

Met cookies werkt deze website vlot en kunnen we u inhoud op maat tonen. Als u verder surft of op "Ja, ik accepteer cookies" klikt, dan aanvaardt u deze cookies. Meer informatie