nl

Verplichte project-MER-screening: aandachtspunten

Publicatiedatum: 27/05/15

Op 24 maart 2011 oordeelde het Hof van Justitie in een arrest dat de Vlaamse wetgeving niet in overeenstemming was met de Europese project-MER-richtlijn. Het Besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2013 inzake de nadere regels van de project-MER-screening, voert bijgevolg een verplichte project-MER-screening in voor milieuvergunningsaanvragen en bouwaanvragen waarbij de drempelwaarden om een volwaardig milieueffectenrapport op te stellen niet worden overschreden. Hierna zal eerst een opfrissing volgen van de rechtsfiguur “project-MER-screening" en daarna wordt dieper ingegaan op enkele interessante aandachtspunten.

Ter herinnering
De Vlaamse Regering heeft middels voornoemd besluit haar dubbel stelsel van projecten onderworpen aan een milieueffectenrapportage, nl.: de projecten die steeds verplicht een project-MER dienen op te maken als de projecten die kans maken op een ontheffing van de MER-plicht, behouden EN een Bijlage III toegevoegd houdende de verplichte project-MER-screeningsnota. Deze laatste Bijlage enkel voor de projecten met (zeer) beperkte milieueffecten.

Bijgevolg bevat het MER-besluit intussen 3 Bijlagen:

- Bijlage I: Projecten m.b.t. het oprichten/aanleggen van o.a. kerncentrales, hoogovenbedrijven, spoorlijnen (>10km), vliegvelden, auto(snel)wegen, waterwegen voor binnenscheepvaart, stuwdammen, steengroeven, …

Deze projecten zijn altijd project-MER-plichtig. Hiervoor moet dus altijd een milieueffectenrapport (project-MER) worden opgesteld;

- Bijlage II: Projecten m.b.t. het oprichten/aanleggen van o.a. : industrieterreinontwikkeling, stadsontwikkelingsprojecten; spoorlijnen (tussen 1 km en 10 km), wegen met 4 of meer rijstroken (tussen 1 km en 10 km), wegen met 2 of meer rijstroken (>10 km), aanleg infrastructuur voor trams/boven- en ondergrondse spoorwegen voor personenvervoer (>1 km), …

Deze projecten zijn in principe ook onderworpen aan de project-MER-plicht, maar de aanvrager kan ontheffing krijgen;

- Bijlage III: Projecten m.b.t. het oprichten/aanleggen van o.a. industrieterreinontwikkeling, stadsontwikkelingsprojecten, aanleg van vliegvelden, aanleg van wegen, aanleg infrastructuur voor trams/boven- en ondergrondse spoorwegen voor personenvervoer, … die niet onder Bijlage I of Bijlage II vallen.

Voor deze projecten geldt een screening: de project-MER-screeningsnota moet bij de vergunningsaanvraag gevoegd worden

Wat is nu een screeningsnota?

Een screeningsnota is een afzonderlijk document dat gevoegd wordt bij een vergunningsaanvraag en waarin van een voorgenomen project wordt aangegeven of er aanzienlijke effecten voor mens of milieu te verwachten zijn, met als minimale inhoud:

  • de kenmerken van het voorgenomen project;
  • de locatie;
  • de gebieden waarop het project van invloed kan zijn;
  • de kenmerken van de mogelijke milieueffecten. Dat moet toelaten om uit te maken of dat al dan niet 'aanzienlijke milieueffecten' kunnen zijn.

De bedoeling van de plicht tot het opmaken en voegen van een screeningsnota is evident. De vergunningverlenende overheid – het college van burgemeester en schepenen, of de deputatie – beslist geval per geval of de project-MER-screeningsnota volstaat. Indien de overheid op basis van de project-MER-screeningsnota beslist dat een project toch aanzienlijke milieueffecten kan generen, moet er alsnog een project-MER worden opgemaakt en volstaat de project-MER-screeningsnota niet. Het vergunningsaanvraagdossier (zonder project-MER ingediend) is op dat moment onvolledig en kan niet verder behandeld worden. De aanvrager beschikt – vanaf kennisgeving onvolledigheid – over een termijn van 6 maanden om de project-MER alsnog op te maken en zo het aanvraagdossier te regulariseren. Deze termijn van 6 maanden kan op gemotiveerd verzoek van de aanvrager door de bevoegde overheid maximaal tweemaal verlengd worden, telkens met drie maanden. Tot op heden heeft de Vlaamse Regering nog geen nadere regels vastgesteld in verband met de modaliteiten van dit verzoek.

Aandachtspunten

1. Op milieuvlak wordt het model van 'Aanvraag van een milieuvergunning' (Bijlage 4A) aangepast. Bovendien werden een aantal termijnen waarbinnen de vergunningverlenende overheid een beslissing moet nemen, van 14 dagen op 30 dagen gebracht.

2. De project-MER-screeningsnota geldt ook voor hernieuwing van een lopende milieuvergunning.

3. Enkele begrippen in voornoemde Bijlage III die nadere duiding behoeven:

- Stadsvernieuwingsprojecten:

De zgn. “stadsvernieuwingsprojecten" zijn ruim te interpreteren. Hiermee wordt niet enkel bedoeld projecten “binnen de stad" maar ook projecten met gelijkaardige kenmerken en gelijkaardige milieu-impact die daarvoor niet “binnen de stad" gesitueerd zijn.

Stadsvernieuwingsprojecten vallen steeds onder Bijlage III tenzij:

  • >1000 woongelegenheden;
  • brutovloeroppervlakte handelsruimte > 5000m²;
  • verkeersgenererende werken met pieken van 1000 personenwagenequivalenten binnen tijdsblok van 2u.

In deze drie gevallen zal het project vallen onder Bijlage II, hetgeen voor gevolg heeft dat er in principe een project-MER dient opgemaakt te worden, behoudens de mogelijkheid op ontheffing.

- Industrieterreinontwikkeling:

“Industrieterreinontwikkeling" is tevens ruim te interpreteren. Hiermee wordt bedoeld realisaties van meer dan 50 ha. Individuele vergunningsaanvragen voor bedrijven vallen hier niet onder.

Met “ontwikkeling" wordt bedoeld: b. De aanleg van de infrastructuurwerken op de gemeenschappelijke delen van een bedrijventerrein, die nodig zijn voor de realisatie en/of het gelijktijdig functioneren van één of meerdere bedrijven binnen een bedrijventerrein.

Enkele voorbeelden zijn: wegenis, parkings, bufferbekkens, waterbekkens, nutsleidingen, riolering, …

- Aanleg van wegen:

Onder de notie “weg" wordt verstaan: een openbare weg bestemd voor gemotoriseerd verkeer.

De “aanleg" van wegen bevat o.a.: aanleg nieuwe weg of verlegging/verlenging/verbreding van een bestaande weg.

4. Uitbreidingen of wijzigingen aan projecten Bijlage I, II of III waarvoor reeds een vergunning is afgeleverd en die zijn of worden uitgevoerd, vallen ook binnen het toepassingsgebied van het MER-besluit.

Opgepast
: door uitbreiding of wijziging kan het project van Bijlage (en procedure!) veranderen!

Besluit

Voor de invoering van de project-MER-screeningsnota diende de aanvrager van een vergunning hetzij een project-MER op te maken, hetzij om een ontheffing te verzoeken, hetzij niets te ondernemen. Door de wijziging in de regelgeving dienen aanvragers enige voorzichtigheid aan de dag te leggen. De situaties “niets ondernemen" wordt nu grotendeels vervangen door het opmaken van een project-MER-screening. Belangrijk is om elk individueel project te toetsen aan de projecten zoals opgesomd in Bijlage III van het MER-Besluit. Echter, bepaalde begrippen zijn nogal vaag omschreven in deze Bijlage III. Voor een concrete invulling of twijfel kan u contact opnemen met uw raadsman.

Rechtsdomeinen

Meer over omgevingsrecht

Met cookies werkt deze website vlot en kunnen we u inhoud op maat tonen. Als u verder surft of op "Ja, ik accepteer cookies" klikt, dan aanvaardt u deze cookies. Meer informatie