nl
U werd er ongetwijfeld reeds mee geconfronteerd. In de algemene voorwaarden van diverse overeenkomsten wordt immers quasi altijd bepaald dat de afnemer van een goed of dienst gehouden is tot een schadevergoeding indien het product uiteindelijk toch niet wordt aangekocht, of indien de overeenkomst eenzijdig wordt verbroken. Nochtans zijn dergelijke bedingen niet altijd geldig. En zelfs indien het beding op zich geldig is, dan nog kan de erin bepaalde schadevergoeding te hoog zijn. Dit artikel heeft tot doelstelling zowel de verkoper-handelaar als de afnemer van het product of de dienst in een notendop te wijzen op de geldende wetgeving.
Zoals de naam van de wet doet vermoeden, introduceert de Belgische wetgever de straf onder het elektronisch toezicht bij wet van 7 februari 2014 tot invoering van het elektronisch toezicht als autonome straf. Hiermee voegt de wetgever, naast de gevangenisstraf en de werkstraf, een nieuwe straf toe aan het arsenaal van de strafrechtbanken. De wet is wel nog niet in werking getreden. De wetgever had in het verleden al de mogelijkheid voorzien om een aanhoudingsbevel te verlenen in de vorm van (thuis)hechtenis onder elektronisch toezicht met GPS. Daarnaast bestond ook de mogelijkheid om via het elektronisch toezicht een opgelegde gevangenisstraf uit te voeren. Met de invoering van het elektronisch toezicht als een autonome straf gaat de wetgever echter een stapje verder. Maar wat is nu juist de draagwijdte van het elektronisch toezicht als straf?
Vanaf 31 maart 2014 moeten nieuwe bromfietsen van alle categorieën en nieuwe lichte vierwielers verplicht ingeschreven worden en de nummerplaat dragen die bij de inschrijving werd toegekend. Voor de bromfietsen en lichte vierwielers die al in gebruik genomen zijn, verandert er echter niets.
Het ritsen is niet langer een hoffelijk gedrag. Op 1 maart 2014 wordt ritsen in het verkeer een wettelijke verplichting. Het ritsen wordt opgenomen in de Wegcode en een overtreding ervan wordt bestraft met een geldboete. De wijze waarop het ritsen moet gebeuren, wordt wettelijk geregeld:
Meer bepaald wordt de wet van 16 maart 1968 betreffende de Politie over het Wegverkeer gewijzigd. De rechtbank kon tot kort beslissen een geldboete die onbetaald bleef, te vervangen door en verval van het recht tot sturen (rijverbod) voor een periode van 8 dagen tot een maand. De recente wetswijziging laat de politierechter toe om thans de onbetaalde boete te vervangen door een verval van het recht tot sturen (rijverbod) van maximaal één jaar.
Dit artikel zal ingaan op de meest prangende vraagstukken over die vergoedingsregeling, namelijk wie heeft recht op vergoeding? Welke zijn de voorwaarden voor de toekenning van de vergoeding? Wie is verplicht de vergoeding te betalen? Welke schade komt voor vergoeding in aanmerking?
Het is algemeen geweten dat de overheidsopdrachtenreglementering zeer uitgebreid en complex is. De recente inwerkingtreding van zowel de nieuwe wet overheidsopdrachten als haar uitvoeringsbesluiten hebben heel wat wijzigingen binnen deze complexe regelgeving aangebracht. Zowel binnen de gunnings- als de uitvoeringsfase werden enkele aspecten gewijzigd. Deze bijdrage focust op de fase van de uitvoering van de overheidsopdracht. De bepalingen van het nieuwe Koninklijk Besluit van 14 januari 201...
Naar aanleiding van de recente regeringsvorming 'Di Rupo I' werden diverse ingrijpende veranderingen aan ons fiscaal systeem doorgevoerd. Teneinde de Staatskas te spijzen met extra inkomsten wordt er vooral gerekend op de nieuwe, verhoogde tarieven inzake de belasting op roerende inkomsten. Een snelle rondvraag leert ons dat de omvang van deze nieuwe maatregelen niet geheel duidelijk is. Tijd voor een korte uiteenzetting dus.
Wie is aansprakelijk voor schadegevallen en hoe kan deze aansprakelijkheid worden vermeden? Een mede-eigenaar in een appartementsgebouw die schade ondervindt, weet doorgaans niet altijd meteen wie hij hiervoor aansprakelijk kan stellen. Hetzelfde geldt voor een derde die – bijvoorbeeld omwille van gebreken aan het appartementsgebouw - schade ondervindt. In een appartementsgebouw kunnen immers zowel andere mede-eigenaars, de syndicus als de vereniging van mede-eigenaars theoretisch aansprakelijk worden gesteld. Maar hoe zit dat in de praktijk? En kunnen de vereniging van mede-eigenaars en de syndici zich wapenen tegen deze aansprakelijkheid? Deze bijdrage is erop gericht op deze vragen een bondig antwoord te bieden.
Bent u occasioneel syndicus? Of beheert u of uw vennootschap op professionele basis een groep appartementsgebouwen? Dan heeft u er alle belang bij op de hoogte te zijn van de talrijke wetswijzigingen die met ingang van 1 september 2010 uw activiteiten als syndicus op verplichtende wijze beheersen. Deze bijdrage is erop gericht u wegwijs te maken in de belangrijkste aspecten van deze nieuwe regelgeving.
Met cookies werkt deze website vlot en kunnen we u inhoud op maat tonen. Als u verder surft of op "Ja, ik accepteer cookies" klikt, dan aanvaardt u deze cookies. Meer informatie