nl

Geen Uniform Europees Aanbestedingsdocument gevoegd bij offerte maakt offerte substantieel onregelmatig

Publicatiedatum: 29/01/20

De Raad van State heeft in een recent arrest geoordeeld dat wanneer kandidaten of inschrijvers geen Uniform Europees Aanbestedingsdocument (UEA) voegen bij hun offerte de aanbesteder geen keuze heeft dan deze offerte substantieel onregelmatig en bijgevolg nietig te verklaren.

In haar arrest nv Compass Group en met nummer 245.239 van 26 juli 2019 heeft de Raad van State geoordeeld dat bij opdrachten waarvan de geraamde waarde gelijk is aan of hoger is dan de drempel voor de Europese bekendmaking, het Uniform Europees Aanbestedingsdocument overeenkomstig artikel 73 van de Overheidsopdrachtenwet 2016 wordt voorgelegd.

Het komt volgens het bestek aan de inschrijver toe op het Uniform Europees Aanbestedingsdocument te verklaren dat hij voldoet aan de selectiecriteria. De aanbestedende overheid kan de kandidaat tijdens de procedure te allen tijde verzoeken de vereiste ondersteunende documenten geheel of gedeeltelijk in te dienen wanneer dit noodzakelijk is voor het goede verloop van de procedure.

In dit arrest betoogt de verzoekende partij dat de finaliteit van het Uniform Europees Aanbestedingsdocument en dus het normdoel van artikel 73 van de wet overheidsopdrachten 2016 is nageleefd doordat de verzoekende partij zowel de ondernemingsgegevens, als de gegevens inzake de uitsluitingsgronden en de kwalitatieve selectiecriteria heeft meegedeeld in de ingediende offerte. De Raad van State oordeelt dat het feit dat de verzoekende partij de bewijsmiddelen voor de beoordeling van de selectievereisten bij de offerte had gevoegd zoals zij betoogt, die een beoordeling op dat vlak door de aanbestedende overheid toelaten, het voorleggen van het Uniform Europees Aanbestedingsdocument op het ogenblik van de indiening van de offerte niet lijkt te kunnen vervangen.

Het niet-voorleggen van het vereiste Uniform Europees Aanbestedingsdocument betreft immers geen facultatieve uitsluitingsgrond, maar wel een substantiële onregelmatigheid, waardoor voormeld artikel 4, eerste lid, van de wet overheidsopdrachten 2016, geen mogelijkheid biedt om te ontkomen aan de sanctie die kleeft aan een offerte die met een substantiële onregelmatigheid is behept. De verklaring op eer die de verzoekende partij bij haar offerte heeft gevoegd, vermag dan ook evenmin het Uniform Europees Aanbestedingsdocument te vervangen.

De toepasselijke regelgeving laat immers prima facie geen keuze aan de aanbestedende overheid. Bij de vaststelling dat er geen Uniform Europees Aanbestedingsdocument is ingediend, moet de aanbestedende overheid overeenkomstig artikel 76, § 1, vierde lid, en artikel 76, § 3, van het koninklijk besluit plaatsing 2017, de offerte substantieel onregelmatig en bijgevolg nietig verklaren.

Besluit

Voormeld arrest geeft nog maar eens aan hoe complex de overheidsopdrachtenregelgeving anno 2020 is geëvolueerd. Bij de minste (formele) onzorgvuldigheid loopt u de kans om gesanctioneerd te worden en dat uw offerte wordt geweerd. Daarom biedt Adlex Advocaten u de noodzakelijke juridische bijstand binnen deze complexe regelgeving.

Rechtsdomeinen

Met cookies werkt deze website vlot en kunnen we u inhoud op maat tonen. Als u verder surft of op "Ja, ik accepteer cookies" klikt, dan aanvaardt u deze cookies. Meer informatie