nl

Beroep tegen beslissing beroepscommissie examenbetwistingen loont wel degelijk

Publicatiedatum: 06/01/19

In een recent arrest van de Raad van State wordt nogmaals bevestigd dat de beroepscommissie dezelfde beslissingsmacht heeft over de zaak en dit op dezelfde wijze en in haar geheel als de delibererende klassenraad. Het kan dan ook niet dat de beroepscommissie eenvoudigweg de beslissing van de delibererende klassenraad bevestigt.

In de kwestieuze zaak werd door de beroepscommissie het door de delibereerde klassenraad toegekende oriënteringsattest B met uitsluiting van bepaalde studierichtingen gehandhaafd.

De Raad van State stelt dat de beroepscommissie over de zaak zelf, in haar geheel, op dezelfde wijze dient te oordelen als de delibererende klassenraad.

Het is immers vanzelfsprekend in het geval een leerling gebruikmaakt van de verhaalmogelijkheid en aldus een samenkomst van de beroepscommissie uitlokt, dat de motiveringsplicht ten volle betekenis krijgt en dat de beroepscommissie kennis moet nemen van de grieven van de leerling, ze moet beoordelen en ze beantwoorden. Het bestaan en de zin van een beroepsprocedure vereisen dat de motivering er blijk van geeft dat de bezwaren van de leerling daadwerkelijk in overweging zijn genomen en in de nieuwe beoordeling zijn betrokken, dat de leerling begrijpt waarom die argumenten de beroepscommissie niet konden overtuigen en dat ten minste een uitdrukkelijke repliek volgt op de vragen die voor de leerling blijkens zijn beroepschrift van wezenlijk belang zijn en die, mochten ze terecht zijn gesteld, mogelijk tot een voor de leerling gunstiger resultaat leiden.

Bovendien moet een beroepscommissie daarbij extra omzichtig handelen én motiveren in het geval zij een leerling, die geslaagd is verklaard, toch middels een B-attest de toegang ontzegt tot bepaalde studierichtingen.

Wanneer een leerling een bijzonder omstandig bezwaarschrift voorlegt aan de beroepscommissie kan deze niet volstaan met een slechts onrechtstreekse verwijzing naar een karige en zeer algemene motivering van de klassenraad over de “structurele tekorten” en voor het overige niet het minste concreet antwoordt.

De Raad van State mag zich ter beoordeling van die grieven niet als een beroepsinstantie in de plaats van de beroepscommissie stellen, maar kan de beroepscommissie wel verplichten om de argumenten van de leerling op hun merites te beoordelen en ze dan bij te vallen of gemotiveerd te weerleggen.

In dit geval heeft de beroepscommissie na twee tussenkomsten van de Raad van State het dossier uiteindelijk wel grondig onderzocht en uiteindelijk besloten de leerling een gunstigere beslissing toe te kennen. Immers, bij het toekennen van een oriënteringsattest B is de leerling geslaagd…

Besluit

Leerlingen en hun ouders zien het vaak als een onoverkomelijke hindernis om een advocaat onder de arm te nemen teneinde de beslissing van beroepscommissie voor te leggen aan de Raad van State. In vele gevallen blijkt dat de beroepscommissie niet, minstens niet correct het dossier heeft beoordeeld en veelal de delibererende klassenraad bijtreedt. Het is dan ook uw volste recht om deze eindbeslissing aan te vechten, vaak met gunstig resultaat. Bovendien beschikken veel mensen over een rechtsbijstandsverzekering die de kosten dekt van deze procedure.
   


Rechtsdomeinen

Met cookies werkt deze website vlot en kunnen we u inhoud op maat tonen. Als u verder surft of op "Ja, ik accepteer cookies" klikt, dan aanvaardt u deze cookies. Meer informatie