nl

De tienjarige aansprakelijkheid: een contractuele beperking van de in solidum gehoudenheid van architect en aannemer is niet mogelijk

Publicatiedatum: 12/10/17

Op grond van de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek blijven aannemers en architecten gedurende een periode van tien jaar na oplevering van een gebouw aansprakelijk voor gebreken die de stevigheid van het desbetreffende gebouw aantasten of het gebouw geheel of gedeeltelijk teniet doen gaan. De tienjarige aansprakelijkheid van architecten en aannemers is van openbare orde en kan bijgevolg niet contractueel worden ingeperkt door partijen. In de artikelen 1792 en 2270 van het Burgerlijk Wetboek wordt echter niets bepaald over de verhouding tussen de architect en aannemer onderling in het geval de gebreken het gevolg zijn van zowel een fout van de architect, als een fout van aannemer.

Het komt nochtans regelmatig voor dat gebreken die de stevigheid van een gebouw aantasten of het gebouw geheel of gedeeltelijk teniet doen gaan het gevolg zijn van een samenlopende fout van de architect (een conceptfout) en de aannemer (een uitvoeringsfout).   

De rechtspraak en rechtsleer creëerden het beginsel van de “in solidum aansprakelijkheid” voor een dergelijke situatie. De in solidum aansprakelijkheid houdt in dat, wanneer de architect en aannemer beiden een fout hebben begaan die dezelfde schade heeft veroorzaakt, de opdrachtgever de betaling van de volledige schadevergoeding kan verkrijgen van zowel de architect als de aannemer en dus niet enkel het aandeel in de schade van de desbetreffende aansprakelijke partij.

Het principe van de in solidum     aansprakelijkheid speelt uiteraard in het voordeel van de opdrachtgever, die zich maar tot één van de aansprakelijke actoren dient te wenden voor de volledige schadevergoeding waar hij recht op heeft. De aansprakelijke partijen moeten vervolgens onderling dan maar regres- en verhaalsrechten laten gelden.

In de praktijk kwamen in architecten- en aannemingsovereenkomsten evenwel regelmatig contractuele bepalingen voor waarin werd gestipuleerd dat de opdrachtgever de architect of aannemer enkel kon aanspraken voor zijn of haar aandeel in de schade en dus niet voor de gehele schade, in het geval van een samenlopende fout van architect en aannemer.

De meningen in de rechtsleer en rechtspraak waren lange tijd verdeeld over de geldigheid van dergelijke clausules, totdat het Hof van Cassatie in 2014 duidelijkheid schiep. Het Hof van Cassatie oordeelde in haar arrest namelijk dat een contractuele clausule waarin wordt voorzien dat de architect enkel voor zijn aandeel in de schade kan worden aangesproken in de hypothese van een samenlopende fout met de aannemer, een beperking inhoudt van de tienjarige aansprakelijkheid van de architect en bijgevolg strijdig is met de openbare orde. Bijgevolg is het contractueel inperken of uitsluiten van de in solidum tienjarige aansprakelijkheid van de aannemer en architect niet mogelijk.

Besluit

Met de rechtspraak van het Hof van Cassatie lijkt er nu al gedurende een aantal jaren duidelijkheid te zijn gebracht omtrent de verhouding tussen de architect en de aannemer in het kader van de tienjarige aansprakelijkheid. De architect en aannemer zijn steeds in solidum aansprakelijk opzichtens hun opdrachtgever en deze in solidum aansprakelijkheid kan onder geen beding contractueel worden ingeperkt.
 



Rechtsdomeinen

Met cookies werkt deze website vlot en kunnen we u inhoud op maat tonen. Als u verder surft of op "Ja, ik accepteer cookies" klikt, dan aanvaardt u deze cookies. Meer informatie